Ouderen beslissen zelf waar ze willen wonen en op welke manier

Ouderen beslissen zelf waar ze willen wonen en op welke manier - liefde voor de zorg

Ouderen beslissen zelf waar ze willen wonen en op welke manier. Met ingang van 2015 zijn “wonen” en “zorg” heel bewust van elkaar gescheiden.

Ouderen beslissen zelf waar ze willen wonen en op welke manier

Ook ouderen beslissen zelf waar ze willen wonen en op welke manier hun eventuele zorg organiseren. Wij vinden dit een goed idee, want ook ouderen weten over het algemeen heel goed wat ze willen, of juist niet willen. Lang is het zo geweest dat er werd aangenomen dat onze oudere medemens het vermogen om zelf te beslissen niet meer zouden beheersen; niets is echter minder waar….

Hulpmiddelen

We kunnen niet anders zeggen dat we het een belediging vinden dat er zo gedacht werd over deze te respecteren doelgroep. Gelukkig is daar nu verandering in aan het komen. Men kan besluiten om in de huidige woning te blijven wonen met daarbij de benodigde thuishulpmiddelen, maar ook is er de mogelijkheid ontstaan om te kiezen voor een zogenaamde “woongemeenschap”.

Echter is het helaas nog steeds zo dat de financiering van de hulpmiddelen niet goed geregeld is.  Denk maar eens aan een toiletaanpassing. Er wordt te vaak gekozen voor een toiletverhoger. Terwijl je dan nog steeds niet makkelijk op en af het toilet kan. Een sta-op toilet bijvoorbeeld kan hier veel beter bij helpen. Kost misschien wat meer, maar is een stuk functioneler! Helaas wordt er nog steeds te wordt vaak gekozen voor de korte termijnoplossing en niet voor een lange termijnoplossing. 

Woongemeenschap

U woont in een gemeenschap of groep, die tenminste inhoudt dat er bereidheid is tot gezamenlijke activiteiten en wederzijdse hulp.  Die hulp is géén mantelzorg, maar ‘gewoon’ ouderwetse burenhulp (naoberschap), in de meest ruime zin. Bewoners vormen in veel gevallen samen een vereniging waarvan de leden in gezamenlijke verantwoordelijkheid het project bewonen en zelf (mee) bepalen, wie als nieuwe bewoner wordt toegelaten.

De woorden “woongroep” en “woongemeenschap” worden vaak door elkaar gebruikt, maar we bedoelen er hetzelfde mee. De groep zelf bepaalt hoe de groep woont en leeft, men heeft in ieder geval medezeggenschap. Elke woongroep heeft een eigen karakter. En ook een eigen bestuur. Het gemeenschappelijke van alle woongroepen is dat begrippen “zelfstandigheid en zelfwerkzaamheid” zijn gekoppeld aan saamhorigheid. Een woongroep is géén zorginstelling, maar er wordt wel nagedacht over hoe zorg geregeld kan worden, op een manier die past bij de eigen woongroep.

Burenhulp

Daarnaast is burenhulp in een woongroep iets heel vanzelfsprekends. Maatschappelijk heeft het gemeenschappelijk wonen voor ouderen grote- en aantoonbare voordelen.  Men blijft scherp en actief, je hoort erbij. Je kunt langer en prettiger zelfstandig blijven wonen zonder te vereenzamen. Onderlinge verbondenheid in een vertrouwde omgeving is belangrijk. Maar gemeenschappelijk wonen kan ook spanningen opleveren. Spanningen die te maken hebben met de tegenstellingen die in een groep kunnen ontstaan:

  • tegenstellingen tussen eigen mening en groepsbesluit
  • tussen je eigen gang gaan en je aanpassen
  • tussen “oude” en “nieuwe” groepsleden
  • tussen onverdraagzaamheid en tolerantie

Daarom is het wonen in een woongroep meer dan een rustig “onder de pannen zijn”. Het is óók een uitdaging en een avontuur. Voor veel deelnemers in een woongroep betekent het echt een nieuwe levensfase, waar je tegenwoordig ook heel bewust voor kunt kiezen.

 

Geen reacties

Je reactie toevoegen